Introductie
Tijdens een multistap PBL-taak (Problem Based Learning) lossen studenten stapsgewijs in groepen een probleem op (samenwerkend leren). Pas als een stap en de bijbehorende oplossing worden begrepen, mogen studenten door naar een volgende stap.
Opbrengst
Studenten leren in groepsverband complexe problemen op te lossen. De werkvorm kan ook worden gebruikt om in groepen complexe procedures en protocollen stapsgewijs te leren (toepassen), analyseren, evalueren of creëren. De leerdoelen vallen in de hogere regionen van de taxonomie van Bloom, afhankelijk van de opdracht die de docent geeft (toepassen, analyseren, evalueren, creëren).
Als samenwerken een leerdoel is, dan leent deze werkvorm zich hier ook goed voor. Het is dan uiteraard wel belangrijk om hier informatie over aan te bieden, de procesbegeleiding hierop af te stemmen alsook dit mee te nemen in de beoordeling. Gevolg van het samenwerken is dat deze werkvorm bij kan dragen aan het stimuleren van gevoelens van binding tussen studenten onderling en tussen docent en studenten. Tijdens de werkvorm zullen studenten met elkaar samenwerken, wat kan bijdragen aan gevoelens van saamhorigheid. Ook is de docent aanwezig, waardoor deze zichtbaar is in de cursus.
Wanneer de docent een authentiek probleem uit het werkveld gebruikt bij de driestap PBL kan dit studenten helpen om de theorie te leren toepassen in de praktijk (transfer of learning). Daarnaast kan het gebruik van betekenisvolle, authentieke casussen een motiverend effect hebben op de student.
Voor de docent biedt deze werkvorm de mogelijkheid om de studentgroepen te begeleiden en hen te voorzien van formatieve feedback.
Wat doet de docent?
- De docent kiest vooraf een probleem/casus waar studenten tijdens de cursus aan gaan werken en knipt deze op in een aantal logische, afgebakende (proces)stappen passend bij de beschikbare doorlooptijd en het probleem / de casus. Bijvoorbeeld de volgende drie stappen: analyseren, oplossen en communiceren. Per stap bepaalt de docent het op te leveren eindproduct van die stap en de criteria waaraan het eindproduct dient te voldoen. De docent bepaalt ook per stap welke en hoeveel deelresultaten (product / procesreflectie) opgeleverd dienen te worden afhankelijk van de complexiteit van de stap. De docent stelt bijbehorende instructies op.
- Voorafgaand aan de uitvoering bepaalt de docent de omvang en eventuele samenstelling van de groepen (drie tot zes personen) op basis van de totale groepsgrootte en de complexiteit van het probleem / de casus. Richtlijnen voor de groepsgrootte zijn: hoe complexer de taak hoe groter de groepen; hoe kleiner de totale studentpopulatie hoe kleiner de groepen. Ook bepaalt de docent hoe de studenten synchroon met elkaar kunnen samenwerken, bijvoorbeeld via vooraf aangemaakte Virtuele klassen per groep die altijd beschikbaar zijn.
- Voorafgaand aan de start van de eerste stap introduceert de docent de totale werkvorm qua inhoud inclusief het aantal stappen en het proces (groepsindeling / samenwerken in groepen / begeleiding door de docent).
- De docent stelt de instructie beschikbaar voor de eerste stap en communiceert de deadlines voor het eindproduct van de stap en de deelresultaten.
- De docent begeleidt de groepen tijdens het werken aan een stap en monitort het resultaat door deelresultaten in te laten leveren en deze van feedback te voorzien (via feed up, feedback en feed forward). (optioneel) De docent geeft de groep daarnaast feedback op het (groeps)proces en het zelfregulerend leren.
- Nadat de doorlooptijd voor een stap is afgerond en de studenten hun groepswerk (eindproduct) voor een stap hebben ingeleverd, bekijkt de docent het ingeleverde werk van alle groepen en bepaalt op basis hiervan welke generieke terugkoppeling nodig is zodat studenten door kunnen naar de volgende stap. Deze terugkoppeling wordt met alle studenten gedeeld via bijvoorbeeld een videoboodschap of op een discussieforum dat voor alle studenten toegankelijk is. Studenten kunnen hier verdiepende vragen stellen aan de docent over de generieke terugkoppeling. De docent beantwoordt de vragen en modereert een eventuele discussie (lees hier meer over het modereren van een discussie) om misconcepties te voorkomen en misinterpretaties recht te zetten en ervoor te zorgen dat studenten 'klaar' zijn om door te kunnen gaan naar de volgende stap. De docent stelt vervolgens de instructie voor de volgende stap beschikbaar en communiceert de bijbehorende deadlines.
- De docent herhaalt de voorgaande punten 5 en 6 voor alle vervolgstappen totdat alle stappen van de opdracht zijn doorlopen en iedere groep hun eindresultaat van de werkvorm heeft ingeleverd.
- Optioneel kan er nadat de eindresultaten van de werkvorm zijn ingeleverd en beoordeeld nog een generieke samenvatting/terugkoppeling gegeven worden over het totaal, zowel op de inhoud als op het (samenwerkings)proces door de docent, door de groepen of de individuele student zelf.
Wat doet de student?
- De student bestudeert de aangeleverde instructie over de werkvorm.
- Indien de docent de groepsindeling vrijlaat, dan schrijft de student zich in voor een bepaalde groep.
- De student neemt contact op met diens groepsgenoten en maakt afspraken over wanneer men samen aan de opdracht gaat werken.
- Tijdens het uitvoeren van de opdracht neemt de student actief deel aan het werken in en met de groep en zorgt dat deelresultaten en de eindproducten per stap tijdig worden ingeleverd.
- De student bestudeert na ieder deelresultaat of eindproduct van de stap de terugkoppeling van de docent, reflecteert hierop met de groep en neemt eventueel deel aan het discussieforum.
- Na de laatste stap levert de groep het eindresultaat in.
- Optioneel: de student of de groep reflecteert na afloop van de werkvorm op het eindresultaat en / of het (samenwerkings)proces.
Benodigheden
- X-aantal begeleiders indien er gekozen wordt voor een synchrone setting
- Digitaal scherm of MTR set op locatie (synchroon hybride setting)
Variatiemogelijkheden, tips en voorbeelden
Multistap voorbeelden:
Het aantal stappen behorende bij deze werkvorm kan variëren en is o.a. afhankelijk van de te behalen leerdoelen, de complexiteit van de opdracht en de (beschikbare) doorlooptijd.
- Een tien stappen variatie kan bestaan uit de volgende stappen: 1. introductie van het probleem; 2. probleemanalyse; 3. gegevensverzameling; 4. hypothesen en voorspellingen; 5. ontwikkelen van een actieplan; 6. uitvoering van het plan; 7. data-analyse; 8. concluise en aanbevelingen; 9. presentatie en discussie; 10. evaluatie. Deze variant is geschikt voor een complex probleem / grote opdracht en heeft een lange(re) doorlooptijd.
- Een zeven stappen variatie kan worden gebruikt om studenten de aangeboden materialen beter te laten begrijpen en toepassen en heeft een doorlooptijd van één of enkele weken. De bijbehorende stappen zijn: 1. probleem identificeren; 2. vragen genereren; 3. veronderstellingen formuleren; 4. basisprincipes identificeren; 5. oplossingen genereren; 6. oplossingen evalueren; 7. terugblikken en reflecteren.
Tip:
- Maak gebruik van een authentiek probleem uit de praktijk bij het opstellen van de opdracht. Het toepassen van de theorie op dit probleem helpt studenten om de vertaling te maken van theorie naar praktijk (transfer of learning) en kan een motiverend effect hebben op studenten. Een andere optie is om voorafgaand aan de werkvorm studenten te vragen om een probleem in te brengen vanuit hun beroepspraktijk, waar tijdens de driestap PBL mee aan de slag wordt gegaan.
Variaties:
Deze werkvorm kun je ook inzetten in verschillende synchrone settings waarbij je bijvoorbeeld per groep een begeleider aanstelt. De terugkoppeling vindt plenair plaats.
- Onsite setting: je hebt een grote ruimte nodig voor de introductie en de plenaire nabesprekingen per stap. Voor het werken met groepen heb je een x-aantal ruimtes en tafel / stoel opstellingen nodig waar studenten de opdracht in de groep kunnen uitvoeren zonder dat ze hinder van elkaar ondervinden.
- Synchroon online: je maakt een bijeenkomst aan in een Virtuele klas. Voor het werken in de groepen kun je gebruik maken van break-out rooms. Let op dat je als docent de rechten hebt om de break-out rooms aan te maken.
- Synchroon hybride: afhankelijk van het aantal studenten dat onsite op één of meerdere locaties deelneemt heb je ruimtes met MTR sets (MSTeams) of digitale schermen nodig (Kaltura Virtuele klas). Het plenaire deel vindt online plaats in een Virtuele klas, het werken in groepen deels onsite en deels in break-out rooms. Een aandachtpunt bij deze variatie is de begeleiding, met name de onsite begeleiding. Als er meerdere groepjes op één locatie aanwezig zijn, dan is het handig dat daar ook een begeleider aanwezig is.
Ook kan deze werkvorm uitgevoerd worden in een combinatie van asynchrone en synchrone onderwijsmomenten. Het werken in groepen kan hierbij asynchroon plaatsvinden en de plenaire terugkoppeling synchroon.
Toegankelijkheid
- Bied in plaats van alleen een geschreven instructie ook een opgenomen spraakbericht aan, dit is prettig voor studenten met een visuele beperking. Stimuleer studenten hun input te delen op een manier die zij het makkelijkst vinden (chat, spraak etc.)
- Aandacht besteden aan de sociale veiligheid binnen een groep is extra belangrijk voor studenten met psychosociale problematiek.
- Het is belangrijk om voldoende structuur te bieden (in de vorm van een planning) voor studenten met ASS/ADHD en hen te coachen bij de aanpak van het complexe probleem (meer last met de vrije vorm door executieve functies).
Bron
- Open Universiteit, (2022). Online samenwerkend leren. Geraadpleegd op 13 april 2023, van https://youlearn.ou.nl/web/bison
- van Oosterzee, M., Stoekenbroek, R., Yilmazturk, E., & Heeroma, N. (2022). (rep.). Een verkenning op activerend onderwijs. Heerlen.